- Regel 1: één zelfstandig naamwoord.
- Regel 2: twee bijvoeglijke naamwoorden die het woord uit dichtregel 1 beschrijven.
- Regel 3: drie werkwoorden die eindigen op -ing, of -ed (engels), of -ant (frans), of -en, of -et (duits).
- Regel 4: vier zelfstandige naamwoorden die te maken hebben met het onderwerp.
De laatste twee zelfstandige naamwoorden zijn anders of vormen een contrast met hoe je jouw onderwerp in de eerste 4 dichtregels hebt beschreven.
- Regel 5: drie werkwoordsvormen die eindigen op -ing, of -ed (engels), of -ant (frans), of -en, of -et (duits) en die de verandering of de ontwikkeling die het onderwerp ondergaat beschrijven.
- Regel 6: twee bijvoeglijke naamwoorden die nog dieper ingaan op het andere aspect van het onderwerp.
- Regel 7: één zelfstandig naamwoord dat een contrast vormt met het woord in dichtregel 1.
day
light, true
open, wake, dawn
day-dream, sun, moon, dream
dusk, sleeping, close
mysterious, dark
night
Geen opmerkingen:
Een reactie posten