- A: Maak één dichtregel over een dier, of voorwerp.
- B: In de volgende dichtregel kun je bijvoorbeeld iets over de eigenschappen, of kenmerken schrijven, maar daar ben je natuurlijk helemaal vrij in. Probeer de tweede dichtregel op de eerste te laten rijmen: dit heet gepaard rijm. Je kunt natuurlijk ook een ander rijmschema kiezen: bijvoorbeeld dat regel 1+4 en regel 2+3 rijmen: dit heet omarmend rijm. Maar, jouw ABC-gedicht hoeft natuurlijk niet te rijmen.
- Herhaal de aanwijzingen voor C+D etc.
donderdag 24 september 2009
Dichtvorm: alfabetgedicht
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten